Start > Literatuur > Minnedichtje

Minnedichtje

14 augustus 2004

Hebban olla vogala nestas hagunnan, hinase hic anda thu

De oudst bewaarde tekst in het Nederlands is een minnedichtje.
Over deze tekst is ontzettend veel geschreven en er zijn evenveel meningen over.
Men gaat er vanuit het hier gaat om een zg. “probatio pennae”.
In de middeleeuwen, toen men nog met pennen uit vogelveren schreef, was het gebruikelijk dat de schrijvers hun nieuwe pennen uitprobeerden op een bladzijde van een boek, waarmee ze zich net bezig hielden.

Ik zie het graag zo voor me:
Het is zo’n 900 jaar geleden.
Een jongeman, ver van huis en ver van zijn geliefde, denkt onder zijn werk als scribent aan haar.
Hij wordt lyrisch en kan het niet laten zijn gedachten aan het papier toe te vertrouwen.
Heeft hij eerst de Latijnse tekst, quid expectamus nu[nc] Abent omnes uolucres nidos inceptos nisi ego et tu, geschreven en daarna de Nederlandse vertaling eronder of net andersom?
Het maakt eigenlijk niet veel uit, het staat er en het is gelukkig bewaard gebleven.

Een taal die dit als oudst overgeleverde tekst heeft mag van geluk spreken.
Er spreekt aandacht voor de natuur, verliefheid, hunkering en menselijk ongeduld uit.

Kenneth Sisam te Oxford ontdekte de regels in 1931, toen hij een onderzoek deed naar het handschrift Bodley 340.
Op het schutblad trof hij een losse krabbel aan, die geschreven was door een hand uit de tweede helft van de elfde eeuw.
De Nederlandse (eigenlijk Westvlaamse) tekst stond zo maar tussen Latijnse regels.

Onderzoek uit 2004 door Frits van Oostrom lijkt er op te wijzen dat deze tekst waarschijnlijk is geschreven door een man, maar dat het taalgebruik is van een vrouw. De tekst blijkt namelijk overeenkomsten te vertonen met door vrouwen gezongen Spaanse volksliedjes uit dezelfde tijd.

Maar we hebben oudere aan het Nederlands verwante teksten.
Bijvoorbeeld de Wachtendonkse Psalmen, een vertaling in het Westnederfrankisch.
Die werden geschreven rond het jaar 950.
Van het einde van de negende eeuw dateert een zogenaamde paarden- en wormbezwering met daarin: ‘visc flot aftar themo uuatare’ (een vis zwom in het water).
En in een Utrechtse doopgelofte uit de achtste eeuw lezen we: ‘Gelobistu in got alamehtigan fadaer’ (geloof je in god, almachtige vader).
De eerste complete Nederlandse tekst die we bezitten, is de schepenbrief van Boekhoute van 1249.

‘Tesi samanunga was edele unde scona’
Deze ‘gemeenschap’ was edel en schoon’
Dit welluidend lofvers werd neergeschreven in 1130 in het prachtig bewaarde 9e-eeuwse Evangeliarium van Munsterbilzen.

Literatuur

  1. 14 augustus 2004 op 17:43 | #1

    hallo,
    ik kwam net bij je site uit. Ik vind hem echt heel interessant!! Ik lees zelf heel graag en schrijf zelf ook het een en ander: ik schrijf veel gedichten (ik heb er net een aantal naar een uitgever gestuurd, nu afwachten of ze het iets vinden… spannend…..) en samen met een vriendin ben ik kinderverhalen aan het schrijven.
    Ik ga zeker weten nog heeeel vaak terugkomen op je site.
    groetjes,
    Petra

  2. 14 augustus 2004 op 19:06 | #2

    Ik ben benieuwd naar je gedichten.
    Waaraan moet ik denken? Moderne poëzie?
    Kinderverhalen, daar ben ik zelf ook een beetje mee bezig! Nu nog voor mijn eigen plezier en dat van m’n jongste dochter.

  3. 14 augustus 2004 op 19:43 | #3

    nou, het hoeft geen verliefde jongeman geweest te zijn. Men denkt dat het in die tijd een bekender liedje was, het “heb je even voor mij” van toen zeg maar ;) De man die het geschreven heeft was waarschijnlijk een monnik. Dus als hij verliefd was, dan was dat waarschijnlijk een typisch geval van jammer. Hoewel het celibaat pas vanaf het jaar 1000 echt werd ingevoerd …

  4. 14 augustus 2004 op 23:50 | #4

    Carrie, dat bedoelde ik met “ontzettend veel meningen”.
    En ik schreef daarom “Ik zie het graag zo voor me:”.
    Het kan inderdaad ook best een monnik geweest zijn, die alleen maar z’n pen probeerde met een toen bekende tophit.
    Maar ik blijf zo graag geloven dat de jongeman smoorverliefd was!
    En ik ben wat dat betreft in goed gezelschap,
    lees Komrij er maar op na:
    - Denk even zoals de monnik denkt. De monnik staat over zijn boek gebogen en probeert zijn pen; de slepende cyclus van routineklusjes. ‘t Is voorjaar buiten, want de vogels zijn met hun nest bezig. Ook onze kuise monnik krijgt de voorjaarskriebels. In zijn hoofd. ‘t Werkt daar associatief. Zijn heimelijke gedachte staat, nog voor hij er erg in heeft, op papier. Onbespied en onbewust, zoals dat gaat bij een probatio pennea. De verliefde monnik is dichter geworden.
    Lees het zinnetje zoals het er staat. ‘t Is een drietapsraket. Eerst de constatering. Alle vogels zijn bezig. Dan de ontkenning, het gemis. Behalve ik en jij. Als derde de ongeduldige vraag, de bijna existentiële vraag. Waar wachten we nondeju nog op? Nu!
    Die ritmische en emotionele sequentie, gevat in een metafoor (‘ik en jij zijn als vogels’), maakt dat we dit ontglipte, verdwaalde zinnetje geen niemendalletje mogen noemen – het heldere gedachtenbeeld, in een spanningsveld van klanken, maakt het tot lyriek, tot een gedicht. -

  5. 15 augustus 2004 op 00:57 | #5

    Hier vind je een lijst met muurgedichten die in Leiden te vinden zijn: http://www.muurgedichten.nl/indexopstraat.html
    Sommige ervan zijn niet buiten, maar binnen te op de muur gezet zoals het gedicht hierboven.
    Van bijna alle gedichten op de muren zijn foto’s te vinden via de links in de lijst.

  6. 15 augustus 2004 op 13:31 | #6

    ik weet het, ik loop dagelijks naar de universiteit door een woud van muurgedichten. Heerlijk.
    Enne, Gamma, tuurlijk. Monnik-zijn is geen garantie voor kuisheid (misschien wel tegenovergesteld) en het is prachtig je gedachten te laten gaan over het hoe,waar, wie en waarom. Dat is wat het leven mooi maakt, de dansen van je eigen brein. Heerlijk toch?

  7. 15 augustus 2004 op 22:10 | #7

    hoi gamma,
    kijk maar eens op mijn site (http://peetjedanst.web-log.nl), daar staan een aantal van mijn gedichten.
    Ik schrijf gewoon mijn gevoelens en emoties op. Of ik vertel iets dat ik heb meegemaakt. Maar die laatste soort vind ik meestal minder goede gedichten.
    ach ja, lees ze maar eens, dan kun je je eigen mening vormen.
    groetjes,
    Petra

  8. 15 augustus 2004 op 23:48 | #8

    Meer informatie over een tekst die ik al heel lang ken die ik erg mooi vind. Dank je wel Gamma! :D

  9. Willem
    25 augustus 2005 op 13:52 | #9

    Even ter correctie: het is niet de oudste Nederlandse tekst. Er zijn veel ouder teksten dan ‘hebban’. Bijvoorbeeld de Utrechte geloofsbelijdenis. Hebban is wel het oudste Nederlandstalige gedicht.

  10. 25 augustus 2005 op 20:48 | #10

    Willem, dat heb ik ook in mijn tekst hierboven staan.
    “Maar we hebben oudere aan het Nederlands verwante teksten.
    En in een Utrechtse doopgelofte uit de achtste eeuw lezen we: ‘Gelobistu in got alamehtigan fadaer’ (geloof je in god, almachtige vader).”

  1. Nog geen trackbacks.

:-D :oops: :-? :wink: :roll: :-P :) :-x :-| :cry: 8-O :-o :lol: :( more »